Liquiditeit en liquiditeitsratio berekenen

liquiditeit en liquiditeitsratioLiquiditeit is een belangrijk criterium om de gezondheid en financiële toestand van een bedrijf te bepalen. Maar zoals de meeste ratio’s zegt het op zichzelf niet alles. Het zou dan ook fout zijn om je oordeel over een bedrijf alleen maar op de liquiditeit te baseren. Toch mag je dit niet uit het oog verliezen. Een bedrijf met een slechte liquiditeitsratio komt haast zeker vroeg of laat in problemen. Hoe haal je deze informatie uit de balans? Wanneer heeft een bedrijf een goede dan wel slechte liquiditeit? We vertellen je er alles over.

Wat is liquiditeit?

Betekenis

Liquiditeit is een ratio, een nuttig middel voor wie een jaarrekening moet beoordelen. Het geeft je een indruk over hoe goed of slecht een bedrijf er aan toe is.

De liquiditeitsratio laat je zien of het bedrijf op korte termijn, zeg maar binnen het jaar, in betalingsproblemen zou kunnen raken. Als het te weinig middelen heeft om haar schulden op korte termijn te betalen is het hek van de dam.

Facturen van leveranciers kunnen niet meer betaald worden. Zijn die daar happy mee? Helemaal niet. Het duurt dan ook niet lang meer of zij draaien de kraan dicht. Voor leningen in de bank: van hetzelfde laken een broek. Ook de bank begint te mopperen en beslist om het bedrijf voortaan geen lening meer toe te staan.

Kortom, een slechte liquiditeit betekent heel snel een cirkel waar men nog moeilijk uit komt. Niet zelden is het dan ook het begin van het einde.

Verschil met solvabiliteit

De liquiditeit is samen met solvabiliteit een van de twee belangrijkste ratio’s. Je kan de ene niet bekijken zonder ook de andere mee te nemen in je oordeel.

Liquiditeit

De liquiditeit geeft een antwoord op de vraag: zal dit bedrijf op korte termijn in problemen komen? Kan het bedrijf haar korte termijnschulden betalen? Dat kan het maar als het genoeg vlottende activa en liquide middelen heeft.

Solvabiliteit

Solvabiliteit betreft eerder de lange termijn: kan de onderneming ook over een paar jaar nog haar schulden betalen? Of komt dit bedrijf op termijn misschien wel in slechte papieren terecht?

Verschil met liquide middelen

Liquiditeit is niet hetzelfde als liquide middelen. De liquide middelen zijn een deel van de vlottende activa. Het gaat om geld in kas of op rekening.

Liquiditeit is daarentegen niet iets dat je zomaar van de jaarrekening kunt aflezen. Het is eerder een ‘tool’ om te zien hoe gezond het bedrijf er op korte termijn voorstaat. Je moet om de liquiditeit te kennen eerst andere getallen uit de balans halen.

Hoe kan je de liquiditeit berekenen?

De liquiditeitsratio berekenen is echt niet zo moeilijk. Het lijkt voer voor specialisten, maar iedereen kan het. Jij ook. Je moet alleen twee gegevens uit de balans halen:

  • Vlottende activa
  • Kortetermijnschulden (= ‘schulden op ten hoogste 1 jaar’ in België)

België

In een Belgische balans neem je het volledige bedrag vlottende activa op de actiefkant van de balans. Op het passief neem je de schulden op ten hoogste 1 jaar.

Nederland

In een Nederlandse balans neem je blok B. Vlottende activa op het actief. Op de passiefkant neem je het getal in blok D. Kortlopende schulden.

Berekening van de liquiditeitsratio

Wanneer je beide uit de balans hebt gehaald hoef je niet veel meer te doen om de ratio te weten.

Je bepaalt de liquiditeitsratio als volgt:

Liquiditeit = vlottende activa  /   kortetermijnschulden

Door de vlottende activa te delen door de kortetermijnschulden (schulden op ten hoogste 1 jaar) bekom je een percentage. Dit percentage heet de liquiditeitsratio. Simpel toch?

Achterliggend idee

De reden achter de formule is dat een gezond bedrijf meer vlottende activa dan kortlopende schulden heeft. Met de vlottende activa moet het bedrijf immers haar schulden die op korte termijn vervallen kunnen betalen. Als er te weinig vlottende activa zijn om aan de plichten op korte termijn te voldoen moet het bedrijf die middelen elders vinden.

Wat is een goede liquiditeitsratio?

Interpretatie van liquiditeit

De meeste auteurs hanteren als regel dat een goede liquiditeit begint bij een ratio van 1 of hoger. Met andere woorden: als het resultaat van de hogere formule 1 of hoger is heb je een goede ratio.

Maar opgelet: dat is de theorie. Theorie is interessant, maar nog geen praktijk. In praktijk blijkt 1 wel echt een minimum. Het is ‘voldoende’, maar ook niet meer dan dat. Wat als de voorraad niet meer verkocht raakt? Of als een klant niet meer betaalt? Dan duik je binnen de kortste keren onder de 1. De oorzaak ligt misschien zelfs buiten je bedrijf en je kan er weinig aan doen.

Daarom is het veiliger om te streven naar een liquiditeit van pakweg 1,2 tot 1,4. Zo heb je wat marge voor onvoorziene zaken. Een tegenslag betekent dan niet meteen dat je bedrijf ook in de problemen komt.

Sector

De behoefte aan liquiditeit verschilt ook erg per sector. Sommige sectoren hebben door de aard van hun activiteit meer liquiditeit nodig dan andere. Denk maar aan grootwarenhuizen, bederfbare artikelen, seizoensgebonden producten, noem maar op.

Alarmsignaal

Een liquiditeit onder de 1 betekent nu ook weer niet dat het bedrijf morgen failliet zal gaan. Wanneer dit één boekjaar gebeurt en op tijd wordt verholpen hoef je je niet meteen zorgen te maken.

Een alarmbel in je hoofd moet wel afgaan wanneer de liquiditeitsratio al twee of drie jaar op rij dramatisch laag is. Met ‘dramatisch’ bedoelen we pakweg 0,65 of lager. Statistisch onderzoek van bedrijven als CompanyWeb hebben getoond dat een bedrijf met al drie jaar op rij zo’n lage liquiditeit een hoge kans heeft om failliet te gaan.

Liquiditeit is een momentopname

Vergeet ook niet dat de liquiditeit een momentopname is. Je haalt ze uit de balans, een foto genomen op de laatste dag van het boekjaar. Eén grote transactie een dag later kan het resultaat al helemaal veranderen. Het kan beter of slechter worden.

Daarom sluit goede liquiditeit ook niet met zekerheid betalingsproblemen uit. De ‘foto’ van de balans werd misschien op een moment genomen dat de liquiditeit goed was.

Hoe hoger hoe beter?

Dus met andere woorden: hoe hoger de liquiditeit, hoe beter? Was het maar waar. Zoals met veel zaken in balanslezen is ook dit een veel genuanceerder verhaal.

Een bedrijf met hoge liquiditeit heeft natuurlijk veel marge. Er moet al veel misgaan voor zo’n onderneming écht in de shit belandt. Maar een heel hoge ratio duidt er ook op dat het bedrijf te weinig investeert. Dit is op lange termijn ook weer nadelig. Niet investeren betekent stilstaan. En stilstaan is? Juist, achteruit gaan. Terwijl andere bedrijven in de sector naarstig in nieuwe technologie of nieuwe methodes investeren blijft dit bedrijf ter plaatse trappelen of vasthouden aan wat nu goed werkt maar waardoor het misschien over vijf jaar hopeloos achterop hinkt.

Kortom, het is beter om een te hoge liquiditeit te hebben dan een te lage. Maar hoger is op lange termijn niet altijd beter!

Verschillende soorten liquiditeit

Over liquiditeit is het laatste woord nog niet gezegd. De term heeft veel gezichten.

Current ratio

De bovenstaande formule, vlottende activa gedeeld door korte termijn schulden, is de meest gebruikte berekening. Men noemt dit ook wel de algemene liquiditeit, of, om slim en geleerd te doen en anderen te overbluffen, de ‘current ratio’.

De enge liquiditeit of quick ratio

Er bestaan verfijndere berekeningswijzen dan die van de current ratio. Frequent gebruikt is de enge liquiditeit. Ook hier bestaat een mooier klinkende term voor hetzelfde, zodat men heel snugger overkomt bij zijn lezers of publiek: de ‘quick ratio’. Soms spreekt men ook wel van de ‘thesaurie’ of de ‘acid test ratio’. Vanwaar de term ‘acid test’ komt? Geen idee. Het doet eerder denken aan een of andere test in een labo om de zuurte te bepalen dan aan een financiële ratio.

Simpel uitgelegd is de enge liquiditeit hetzelfde als de algemene, maar dan zonder de voorraden. De voorraden zijn er uitgehaald. Dit omdat voorraden nu eenmaal het minst liquide deel van de vlottende activa zijn. Met andere woorden: je zet voorraden niet zomaar even vlug in cash om. Wat ben je met een voorraad grondstoffen zolang er geen afgewerkt product is van gemaakt? Dan moet het nog verkocht raken en ook nog betaald worden. Kortom, voorraden zijn de minst liquide vlottende activa.

Zo bereken je de quick ratio:

Enge liquiditeit = (vlottende activa – voorraden) (gedeeld door) (korte termijn schulden)

Vooral voor bedrijven en sectoren met belangrijke voorraden is het essentieel om naar de quick ratio te kijken. Volstaan de vlottende activa ook zonder al die voorwaarden voor de korte termijn schulden? Maar in sectoren met weinig voorraden heeft het weinig zin om de quick ratio bovenop de current ratio te berekenen. Denk maar aan de dienstensector. Men verkoopt een bepaalde dienst of service. Voorraden van grondstoffen aanleggen is in zo’n business niet nodig.

De ‘gecorrigeerde’ liquiditeit

In de vlottende activa zitten vaak ook zaken die eigenlijk weinig waarde hebben. Door de volledige vlottende activa te nemen om de liquiditeit te berekenen krijg je soms een gekleurd, overdreven positief beeld.

Denk maar aan de rekening courant actief. In een Belgische balans vind je die meestal onder de rubriek ’41 – overige vorderingen’. Zogezegd een actief van het bedrijf, maar eigenlijk geld dat door de zaakvoerder uit het bedrijf is gehaald voor privé gebruik.

Zeker wanneer hier grote bedragen staan is het dus aan te raden dit uit de vlottende activa te halen voor je ze deelt door de schulden op korte termijn.

Lees verder

Current ratio en quick ratio berekenen: formule en belang

Vond je dit artikel nuttig? Laat het ons weten!

Bronnen

BUYSE, I. & DEKEYSER, M., “Balanslezen voor niet-ingewijden”, Roularta Media Group, Trends Business books, 2011
ROEGIERS, E., “Financiële analyse”, Kluwer Opleidingen NV, 2016

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.